zaterdag 24 december 2016

Moderne Literatuur boek 1 - Mijn Vrijheid; Ayaan Hirsi Ali

Inleiding

Het eerste boek dat ik heb gekozen om te lezen voor mijn lijst is het boek Mijn Vrijheid, geschreven door Ayaan Hirsi Ali. De volledige gegevens van dit boek zijn:
Ayaan Hirsi Ali;
Mijn Vrijheid,
de Autobiografie;
Uitgeverij Augustus, September 2006
448 pagina’s
Voor meer informatie: www.ayaanmijnvrijheid.nl

Voor mij zijn er verschillende redenen geweest om dit boek op mijn lijst te zetten, ik moet ten eerste bekennen dat ik de eerste hoofdstukken van dit boek al heb gelezen in de zomervakantie van groep 8. Ik ben toen gestopt met lezen, omdat er zoveel nare dingen gebeuren in het boek van Ayaan die ik me nog moeilijk kon voorstellen toen ik zo jong was. Het boek heeft me toen heel erg veel aan het denken gezet, over geloof en cultuur, de islam, de verschillen tussen mensen en de rampen die in de wereld gebeuren. Vaak denk ik daar nog steeds over na en soms dacht ik ook aan Ayaan, zoals zij de meest weerzinwekkende dingen beschreven heeft. Ik wilde het boek altijd al op mijn lijst zetten, niet omdat het om een onderwerp moet gaan omtrent vluchtelingen, maar omdat het boek mijn op een bepaalde manier inspireert. Al toen ik jonger was dacht ik vaak na over thema’s rond asielzoekers, cultuur, geloof en de derde wereld, maar nadat ik het boek van Ayaan Hirsi Ali helemaal heb uitgelezen wil ik heel graag de wereld begrijpen, ik wil weten waarom al die ellende in de wereld ontstaat. Ik ga bovendien ook conclusies trekken en veel vragen stellen, een van de vele dingen waar ik aan dacht tijdens het lezen van het boek is het volgende: Waarom is er zoveel oorlog op de wereld over geloof? Waarom wordt er zo afstandelijk gedaan tegen mensen met een ander geloof? Kijk nou eens naar de grootste geloven op aarde, het christendom en de islam, ze schreeuwen naar elkaar dat als ze niet hun geloof aanhouden naar de hel gaan en ze moeten zich goed gedragen op aarde om een plek in de hemel te kunnen verdienen. Er zit geen verschil tussen beide, maar toch is er zoveel oorlog over. Als je verder gaat denken zijn er zo veel overeenkomende aspecten bij beide geloven. De een heeft Jezus Christus, de ander Profeet Mahamed en zo kan je eindeloos doorgaan over alle overeenkomsten en verschillen, maar als alle geloven zo erg op elkaar lijken, waarom accepteren ze elkaar dan niet?

In dit boek kom je zoveel aspecten tegen, waar Europa nu mee bezig is. Neem als voorbeeld IS, dat is gebaseerd op de strijd tegen twee soorten moslims, de Soenni en de Shia, lees dit boek en je zult de termen meerdere keren tegenkomen. De moeder van Ayaan wil niet naar Irak verhuizen, waarom niet? Omdat in Irak alleen maar sjiitische mensen wonen, en zij zijn vies, bijna net zo ongelovig als de Christenen.


Je ziet dus dat dit boek hele belangrijke informatie heeft, het leert mij en ik denk nog vele anderen met mij, de islam te begrijpen en daarmee ook de conflicten en aanslagen in de wereld te begrijpen. Want als jij vanaf je geboorte te horen hebt gekregen dat er pas een paradijs op aarde komt als alle joden dood zijn, en je ongelooflijk bang bent gemaakt door het Eeuwige Vuur van de hel, begin ik deels te begrijpen, waarom er nog steeds een oorlog is in Palestina en Israël en waarom moslims zo’n enorme haat tonen ten opzichte van Joden.

Samenvatting: Mijn Vrijheid, Ayaan Hirsi Ali

Dit is het persoonlijke levens verhaal van Ayaan Hirsi Ali waarin ze verslag doet over haar persoonlijk strijd voor haar eigen vrijheid. De autobiografie bestaat uit twee delen. Het eerste deel begint bij haar jeugd in Somalië en beschrijft het leven in onvrijheid. In het tweede deel beschrijft ze haar aankomst in Europa en hoe ze daar kennismaakt met vrijheid. Het tweede deel gaat voor een groot deel over Nederland en is dus het meest herkenbare deel. Maar het eerste deel is misschien wel het meest indrukwekkende, want het geeft ons een insiders view van de wereld van het islamitische geloof. Ze laat ons kennis maken met die wereld zoals alleen een insider dat kan, maar dan wel met de blik van iemand die geheel de Westerse normen en waarden heeft overgenomen. Daarmee is het een uniek boek.
Uit het boek blijkt dat Ayaan Hirsi Megan Isse Guleed Ali Wai’ays Mahamed Ali Umar Osman Mahamud (haar officiële naam zoals ze zichzelf voorstelt in de opening van het boek, bepaald door haar voorouders en haar subclan tot driehonderd jaar geleden), net als haar vader, iemand is die doorzet en een missie heeft. Want hoewel de keuzes die Ayaan heeft gemaakt tot een breuk met haar vader hebben geleid, is ze wel in zijn strijdbare voetsporen getreden. Dat is opmerkelijk, want hij was het grootste deel van haar jeugd vrijwel altijd afwezig. Toen ze nog jong was had ze hem zelfs nog nooit gezien, omdat hij als politiek dissident in een Somalische cel zat. Later toen hij was ontsnapt vertrok hij direct naar Ethiopië om daar samen met anderen de SSDF verzetsbeweging op te zetten. Haar vader streed tegen de communistische dictator Siyaad Barre, door de Somaliërs ‘de grote bek’ genoemd.
De fundamentalistische moeder van Ayaan weigerde echter om in het ‘ongelovige’ Ethiopië te gaan wonen. De rest van het gezin verhuist dus naar Saoedi-Arabië. Ayaan beschrijft in het boek hoe het leven in deze landen is. Over het leven in de theocratie Saoedi-Arabië lezen we bijvoorbeeld over de enorme Jodenhaat en over hoe vrouwen daar moeten leven. Haar vader komt later ook naar Saoedi-Arabië. Door zijn activiteiten voor het Somalische verzet worden ze later weer Saoedi-Arabië uitgezet. Op dat ogenblik weigert haar moeder nog steeds om naar het ongelovige Ethiopië te verhuizen. Het blijkt echter onmogelijk om naar een ander land te gaan.
De regering van Ethiopië steunt het Somalische verzet en aangezien Ayaans vader tot de leiding behoort, leven ze in luxe. Ayaan voelt zich veel meer thuis in Ethiopië dan in de islamitische landen waar ze tot dan toe had gewoond, ze heeft er als meisje veel meer vrijheid. Maar net als de familie van andere verzetsleiders vertrekt de familie, zonder vader, naar Kenia. Haar moeder neemt het haar vader zeer kwalijk dat hij zijn verzetsactiviteiten voor het gezin laat gaan. Het huwelijk tussen haar vader en moeder loopt dan ook stuk. Haar vader trouwt daarna zijn 3e vrouw. De familie leeft in Kenia van giften van de clan. Natuurlijk lezen we uitgebreid over de clan cultuur en de belangrijke plaats die deze in het leven van de Somaliërs heeft.
In Kenia regelt de fundamentalistische moeder van Ayaan een koran leraar. De autoritaire koran leraar geeft privé les aan Ayaan en haar zus. Maar de zussen verzetten zich tegen deze autoritaire conservatieve leraar en weigeren nog verdere lessen van hem te volgen. Dit vrouwelijk verzet is onacceptabel en de leraar neemt wraak en mishandeld Ayaan. Hij slaat haar met haar hoofd tegen de muur, waardoor ze een schedelbasis fractuur oploopt (volgens mij is dit nog steeds op Ayaans voorhoofd te zien). Door geluk, een zorgzame tante en een goede Italiaanse dokter in het ziekenhuis overleeft ze het.
Haar jeugd is niet echt gelukkig. Haar moeder noemt haar dom en mishandelt haar. Ayaan is op zoek naar antwoorden op haar levensvragen. En zo groeit haar interesse in de islam. Ze wil ook zuiver zijn en ze begint vijf maal per dag te bidden en trekt een alles verhullend zwart gewaad aan. Hierdoor is, voor het eerst in haar leven, haar moeder trots op haar.
Ayaans eerste vriendje is een vriend van haar broer. In het boek lezen we dat ze erg verliefd op hem was. We lezen over de afspraakjes met hem. Maar als ze er achter komt dat hij geen moslim is, wijst ze hem af. Haar broer had gelogen dat hij een moslim was, want anders had deze jongen nooit mee naar huis mogen komen van haar moeder. Tot het afgrijzen van Ayaan vertelt de jongen zelfs dat hij niet alleen geen moslim is, nee hij is zelfs een atheïst.
Hoewel Ayaan in haar jeugd sterk beïnvloed werd door de zuiver islam, was er tijdens haar jeugd al het zaadje voor haar vrijheid geplant. Ze was namelijk dol op Westerse romans. Deze op zich onschuldige boeken lieten haar een alternatieve wereld zien, één waar vrouwen een heel andere rol hadden. De verhalen in de romans botsten met het leven van vrouwen zoals Ayaan dat waarnam bij familie en vriendinnen op school.
Als ze ouder is krijgen Ayaan en haar zus hun moeder zover dat ze een secretaresse opleiding mogen volgen. Ayaan slaagt als beste van haar klas en wil gaan werken. Het zou hun gezin, zonder vader, uit de schulden kunnen halen. Maar haar fundamentalistische moeder sluit hen op en stuurt Ayaan terug naar Somalië. Aanvankelijk lijkt Ayaan dit een mooi vooruitzicht, want het verlost haar van de controle van haar moeder. Maar ze verkijkt zich op het leven in Somalië. Het verbaast Ayaan, als vrome moslima, dat Somalië veel armer is dan Kenia, want in tegenstelling tot Kenia is het wel een echt moslim land. Zou dit niet anders om moeten zijn? Verder is haar persoonlijke vrijheid ook daar beperkt, dit keer door de enorme sociale controle van de clan.
In Somalië raakt ze betrokken bij de moslim broederschap (een fundamentalistische groepering waar ook Al-Qaeda uit voort gekomen is). Ze krijgt een relatie met een aantrekkelijke jonge man, een imam van de broederschap. Maar deze relatie verbreekt Ayaan als ze het kussen en de seksuele verlangens, niet langer kan verenigen met de puriteinse leefregels van de Islam en de broederschap in het bijzonder.
Later raakt ze verliefd op een neef, die ze voordat ze naar Somalië kwam nooit eerder had gezien. Deze neef moet echter plots naar het buitenland en ze besluiten snel in het geheim te trouwen. De huwelijksnacht, tevens haar ontmaagding, is verschrikkelijk. Het lijkt in niets op de romantische verhalen uit de Westerse romans die ze gelezen heeft. Erger nog, het is precies zo verschrikkelijk als ze in de verhalen van de Somalische vrouwen heeft gehoord. Dat het afschuwelijk is, komt deels doordat Somalische vrouwen na hun besnijding ook worden dichtgenaaid. In de huwelijksnacht worden ze ‘open gemaakt’ en zijn daardoor eigenlijk zwaar gewond. Na deze enorme romantische tegenvaller besluit ze dat ze haar man, waar haar familie niets van weet, nooit meer wil zien en ze doet alsof ze nooit is getrouwd. Later zal deze zaak haar nog in groot gevaar brengen, maar door geluk loopt dit toch nog goed af.
Dan laait de burgeroorlog weer op in Somalië en moet ze weer vertrekken. We lezen over de verschrikkingen van deze oorlog en over de vluchtelingenkampen waar de mensen creperen. Ayaan beschrijft hoe ze persoonlijk nog familieleden weet te redden uit deze kampen, door hen Kenia in te smokkelen. Ook toen al wilde ze recht doen met gevaar voor eigen leven.
Dan besluit haar vader haar uit te huwelijken aan een 27 jarige, kale Somaliër die in Canada woont. Een niet bijster interessant figuur, die ook nog dom, onbelezen en een fanatieke moslim blijkt te zijn. Ayaan wil beslist niet met hem trouwen, maar haar vader zet door en haar moeder wil niet dat Ayaan de familie ten schande maakt. De huwelijks ceremonie vindt plaats zonder Ayaan, de aanwezigheid van de vrouw is immers geen vereiste.
Door de burgeroorlog in Somalië is de Canadese ambassade in Kenia overbelast. Het zou dus lang duren voordat de papieren voor Canada geregeld zouden worden. De oplossing is, dat Ayaan naar clan leden in Duitsland gaat en daar bij de Canadese ambassade snel haar visum voor Canada in orde maakt en daarna dan doorreist naar Canada.
Hiermee komt het eerste deel van het boek, waarin ze haar ervaring in de islamitische wereld heeft beschreven, ten einde. Het tweede deel start dus met haar aankomst in het Westen. We krijgen een verhaal te lezen van een zelfbewuste moslima uit Afrika.
In Duitsland aangekomen is Ayaan heel verbaast over wat ze daar aantreft. Hoe is het mogelijk, zoveel welvaart bij de ongelovigen? Wat hebben ze alles hier goed georganiseerd en wat een vrijheid heeft men hier. Zij wil ook vrij zijn en besluit te vluchten. Op 24 juli 1992 stapt ze op de trein naar Nederland. Deze datum is voor haar nog steeds van grote betekenis. Ayaan beschouwt deze datum als de geboorte datum van haar als vrij individu. Tot op de dag van vandaag herdenkt ze deze dag nog elk jaar.
Kort nadat ze is aangekomen in Nederland komt ze in een asielzoekerscentrum. Ze verbaast zich er over dat de overheid werkelijk alles betaalt. In het asielzoekerscentrum spreekt ze als eerste de mensen van vluchtelingenwerk, aan wie ze haar echte verhaal vertelt. Daar krijgt ze het advies om met een beter verhaal te komen en ze leggen haar uit aan welke eisen zo’n verhaal moet voldoen om toegang tot Nederland te krijgen.
Hier is het dat ze voor het eerst buiten komt zonder hoofddoek. Tot haar verbazing worden de manen helemaal niet gek van geilheid en trekt ze zelfs minder de aandacht dan met hoofddoek. Ze breekt met meer taboes: ze doet zelfs een spijkerbroek aan en gaat zelfs zwemmen in een badpak. Allemaal zaken waar ze nog nooit van gedacht had dat dit zonder enorme gevolgen mogelijk zou zijn.
Via haar zus bereikt haar het bericht dat de clan naar haar op zoek is. Ze heeft hen te schande gemaakt. Wat zouden ze met haar doen als ze haar vinden? Maar voordat ze haar vinden krijgt ze al een A-status en heeft ze een vaste verblijfstitel in Nederland. Ze is vrij! Ze is maar wat blij dat ze in dit mooie land met al die aardige mensen mag blijven.
Maar op een dag staan er clanleden voor haar deur. Haar man uit Canada komt haar ophalen. Aangezien de man in Canada woont, kent hij de regels en weet hij dat dit geen Somalië is, waar hij zonder problemen geweld had mogen toepassen. Aangezien Ayaan weigert volgt er een familieberaad en wordt de druk op Ayaan maximaal opgevoerd. Hoewel Ayaan bij haar standpunt blijft loopt het allemaal toch nog goed af. Haar man vertrekt weer naar Canada. Even dreigt haar vader naar Nederland te komen en dan behoort eerwraak tot de mogelijkheden, maar hij komt niet. Ze ontvangt een brief van hem waarin hij met haar breekt. Wat hem betreft bestaat ze niet meer.
Ayaan kon dankzij haar A-status in Nederland het huwelijk met de Canadese Somaliër weigeren. In Somalië zou ze door dit gedrag tot paria zijn verklaard en had ze alle bescherming verloren. Maar in Nederland genoot ze, zoals elk individu, bescherming van de staat. Dat betekent echter niet dat ze niet meer bang is, ze gelooft nog steeds in Allah en is erg bang dat ze gestraft gaat worden.
Ayaan maakt snel vrienden en verbaast zich over Nederland en vooral over hoe de mensen er leven. Ze is nog steeds opzoek naar antwoorden. Ze wil leren begrijpen waarom het in het ongelovige Nederland toch allemaal zoveel beter en prettiger georganiseerd is dan in de gelovige wereld waar ze vandaan komt. Want zou het in de Islamitische landen, waar men Allah aanbidt en waar men volgens zijn wet leeft niet vreedzamer en rijker moeten zijn? Om deze vragen te kunnen beantwoorden wil ze politicologie gaan studeren.
In die tijd wordt ze ook tolk en tolkt ze bij asiel zaken. De verhalen die ze in het boek beschrijft zijn schrijnend. Het is in deze periode dat het haar begint op te vallen dat de opvanghuizen voor vrouwen voornamelijk vol zitten met gekleurde mensen, vaak moslims.
“Het maakte me kwaad. Ik wist dat veel Nederlandse vrouwen ook werden mishandeld, maar hun familie en gemeenschap keurde dat niet goed. Bijna niemand gaf hun de schuld van het geweld en bijna niemand zei dat ze zich dan ook maar fatsoenlijk moesten gedragen.” (P. 279)
Zoals te verwachten valt in een boek als dit, levert Ayaan in dit boek ook kritiek op het Nederlandse immigratie en multiculturele beleid. Een beleid, zo schrijft ze, dat vol respect voor vreemde culturen is, maar wat wel ten koste gaat van de vrijheid van meisjes en vrouwen.
Maar ook meer persoonlijke verhalen komen aan bod. Zo beschrijft ze haar relatie met haar Nederlandse vriend Marco. Ook schrijft Ayaan uitgebreid over haar zus, die ook naar Nederland is gekomen. Haar zus had zich altijd erg verzet tegen de dwang, meer dan Ayaan, maar nu die dwang is weggevallen heeft ze het erg moeilijk. Uiteindelijk wordt de zus van Ayaan psychotisch en krijgt ze godsdienst wanen. Haar moeder haalt haar over om weer terug naar Kenia te komen en daar overlijdt haar zus. Als Ayaan voor de begrafenis terug naar Kenia gaat, schrikt ze als ze ziet hoe haar moeder daar leeft. Al het geld wat Ayaan in de loop der tijd had gestuurd is door haar broer achtergehouden en verdwenen. Haar moeder leeft mede hierdoor in deprimerende omstandigheden. Na terugkomst in Nederland, beseft Ayaan dat haar toekomst in Nederland ligt. Ze wil niets meer te maken hebben met haar vorige leven.
Ayaan is op dat ogenblik nog niet bezig met de multiculturele problemen van Nederland. Nederland is wat haar betreft perfect en kritische geluiden vindt ze maar overdreven gepraat. Haar afstudeerscriptie voor haar studie politicologie gaat over de tendens in Nederland om in politiek moeilijke kwesties de rechters de knopen te laten door hakken omdat dergelijke beslissingen voor de polderende politici te controversieel zijn. Dit is in feite ook al zeer fundamentele kritiek op het democratische gehalte van ons politieke bestel. Immers, de politiek is er juist om middels debat, de controversiële zaken te bediscussiëren en zo tot de best haalbare oplossing te komen. Gezien haar latere kritieken ziet Ayaan dit toch als minder belangrijke kritiek..
Na haar afstuderen doolt ze wat op de arbeidsmarkt. Ze werkt eerst als artsenbezoeker voor een farmaceutisch bedrijf, maar de commerciële functie ligt haar niet. Daarna werkt ze voor de overheid, maar de stroperige bureaucratie vindt ze ook maar niets. Dan in juni 2001 krijgt ze een baan bij de Wiardi Beckman stichting, een denk tank van de partij waar ze toen lid van was, de PvdA.
Het is in deze periode dat ze onder haar eigen naam haar eerste opinie artikel in de krant gepubliceerd krijgt. Het artikel schreef ze naar aanleiding van de El-Moumni affaire en ze beschrijft in dit stuk voor het NRC de seksuele moraal in de islam. Als daarna de aanslagen van 11 september plaats vinden is ze verbaasd over de reacties van de Nederlanders. Zo beschrijft ze een gesprek dat ze samen met Ruud Koole had toen ze de dag na de aanslagen met hem van het station naar haar werk liep:
Ruud schudde verdrietig zijn hoofd om wat er was gebeurd. Hij zei: ‘het is zo vreemd dat steeds meer mensen zeggen dat het iets met de islam te maken heeft vind je niet?’.
Ik kon er niets aan doen: voordat we op kantoor waren had ik het er al uitgegooid: ‘Maar het gáát ook om de islam. Dit is gebaseerd op het geloof. Dit is de islam.’
Ruud zei: ‘Ayaan, natuurlijk kan het zo zijn dat deze mensen moslims waren, maar dan gaat het om een krankzinnige randverschijnsel. Wij hebben ook fundamentalistische christenen die de Bijbel letterlijk interpreteren. De meeste moslims geloven niet in dit soort dingen. Met deze bewering breng je het op een na grootste geloof ter wereld in diskrediet, een beschaaft en vreedzaam geloof.’
Ik liep het kantoor in en dacht: ik moet deze mensen wakker schudden. En het was echt niet alleen Koole. Nederland, dit gezegende land waar nooit iets gebeurde, wilde weer doen alsof er niets was gebeurd. De Nederlanders waren vergeten dat mensen in opstand konden komen om oorlog te voeren, gevangenen te maken, te doden, zedelijkheidswetten op te leggen, en dat allemaal omdat God daartoe had opgeroepen.” (P. 328-329)

De aanslagen van 11 september 2001 starten bij Ayaan voor het eerst een serieus religieus zelf onderzoek. Tot dan toe was ze daar voor weg gelopen, maar na de aanslagen kon ze dat niet langer, ze besefte dat ze nu moest kiezen. Ze komt tot de conclusie dat de ware islam, een totalitaire systeem is. Het is een systeem dat mensen tot slaaf maakt, een systeem dat tot wreedheden leidt. De daad van deze negentien kapers was het logische gevolg van dit gedetailleerde systeem dat alle aspecten van het menselijk gedrag tracht te reguleren. Ayaan kan niet meer in de heiligheid van de koran geloven. Ze rekent af met het idee dat ze van jongs af aan meegekregen heeft: dat er een engel op haar schouder zit, die al haar zonden noteert. Ze gelooft niet meer in de hel.
Het wereldwijde conflict gaat volgens Ayaan om een botsing tussen de rede en religie. De rede heeft hier in het Westen zo’n mooie wereld voortgebracht, dat ze de Westerse zelfhaat maar niet kan begrijpen.
Rond deze tijd ontmoet ze ook Afshin Ellian en komt tegelijkertijd ook in contact met de redactie van Trouws Letter & Geest. De heren van Trouw vragen haar een opinie stuk te schrijven. Maar Ayaan werkt nu voor de denktank van de PvdA en daar blijkt men waarheidsvinding ondergeschikt te vinden aan de partij politiek. Dus redigeert Paul Kalma haar artikel zodat ‘racisten’ er geen misbruik van zouden kunnen maken. Later zou Kalma nog wel vaker rood aanlopen als hij publicaties van Ayaan leest.
Het is in deze context dat Ayaan, Cohen een held noemt. Cohen was onder vuur komen te liggen, omdat bekend was geworden dat Ayaan door Kalma gecensureerd was toen ze in een artikel Cohen een Ayatollah had willen noemen. Cohen begreep natuurlijk dat openlijke censuur hem erger zou schaden en zei Kalma dat hij het niet eens was met Ayaan maar dat ze vrij was om te schrijven wat ze vond. Om die reden noemt Ayaan burgemeester Cohen een held.
Ze beschrijft hoe ze daarna in de schijnwerpers komt te staan. Maar het hele relaas komt voor iemand die redelijk op de hoogte is wat naïef over. Dit komt wellicht omdat het oorspronkelijke verhaal in het Engels is geschreven, voor een publiek dat niet zo goed op de hoogte is van de Nederlandse situatie. Al hoe wel, ze noemt in het boek, voormalig premier Wim Kok een groot leider en dat lijkt toch echt een beetje naïef.
In de periode dat Ayaan een steeds bekendere Nederlander aan het worden is, komen via haar vader de eerste doodsbedreigingen binnen. Het is ook in deze begin periode dat ze in de media direct eerlijk en open spreekt over het feit dat ze tijdens haar asiel aanvraag heeft gelogen. Maar niemand maakt zich er druk over, het is eigenlijk een publiek geheim dat veel asielzoekers bij hun aanvraag liegen.
De indirecte getuigenissen van haar ongeloof maken Nederlandse moslims woest. Elke moslim weet, het staat immers in de koran, dat op uittreding uit de islam de doodstraf staat. Opmerkelijk is dat ze juist van Nederlandse kant het advies krijgt om niet meer zulke uitspraken te doen: veel te gevaarlijk. De vriendin met wie ze samen een huis heeft gekocht, vindt dan ook dat ze gek is geworden. Volgens haar is ze de vrouwelijke tegenhanger van Ben Laden geworden. Blijkbaar zijn Nederlanders geen helden.
Vanwege alle bedreigingen krijgt ze uiteindelijk politie bescherming. Ayaan lijkt een rotsvast vertrouwen te hebben in de vrijheden in Nederland en vertrouwd volledig op de veiligheid die een vrije democratie aan haar burgers biedt (of is het: zou moeten bieden?).
Dan komt het moment dat Ayaan moet onderduiken en naar Amerika gebracht wordt. Zoals elke moslim, en zoals bijna elke Nederlander heeft ze nogal wat vooroordelen over Amerika en de Amerikanen. Maar nu ze met eigen ogen kennis maakt met de Amerika en de Amerikanen komt ze er achter dat die vooroordelen niet juist blijken te zijn.
Neelie Kroes van de VVD is erg boos dat Ayaan Nederland uit moest vluchten en wil haar graag bij de VVD fractie hebben. Het feit dat Neelie van een ‘rechtse’ partij is en dat ze zelf bij een ‘linkse’ partij zit schrikt Ayaan niet af.
“In Nederland zijn vrijwel alle politieke partijen voorstander van een actieve, bijna opdringerige mate van overheidsbemoeienis die gericht is op een herverdeling van de welvaart en met hoge belastingen gepaard gaat.” (P. 361)
Ook was ze teleurgesteld in de PvdA. Ze kwamen daar helemaal niet op voor de zwakkeren, zoals ze daar altijd beweren. De PvdA laat moslim vrouwen in de kou staan.
“Ik verwacht geen overweldigende georganiseerde steun van de moslim vrouwen zelf. Mensen die alleen onderdanigheid kennen, bijna tot op het punt dat ze zelf niet meer kunnen nadenken, hebben jammer genoeg niet het vermogen om zich te organiseren of wil een eigen mening te laten horen.” (P. 363)
Na veel binnenkamertjes politiek en gepraat met partij baronnen en baronessen wordt Ayaan op de VVD verkiezingslijst gezet. Opmerkelijk is dat de meeste partij baronnen en baronessen vijandig zijn. Blijkbaar hebben deze ook niet alles te zeggen in de partij. In deze gesprekken bij de VVD heeft ze iedereen die er naar vroeg verteld dat ze heeft gelogen over haar asiel aanvraag en dat ze een andere naam had aangenomen (iets dat ze ook talloze keren in de media heeft herhaalt).
Nu ze in de politiek is gestapt komt ze er achter dat in het Nederlandse democratische systeem helemaal geen strijd der ideeën plaats vindt. Het gaat hier, net als in Somalië, om clans. Hier is de politieke partij de clan. Hoe vaak krijgt ze niet te horen dat mensen het helemaal met haar eens zijn, maar dat ze nooit op de VVD zullen stemmen.
Zodra ze in de kamer komt, keert een groot deel van de fractie zich al tegen haar. In een interview in Trouw heeft ze gezegd dat Mohammed (vreemd genoeg wordt dat in haar boek als Mahamed gespeld) naar hedendaagse maatstaven een perverse tiran was. En zelfs de minderheid die haar steunde, deed dat niet inhoudelijk maar onder de noemer van vrijheid van meningsuiting.
Ayaan werkt aan beleid om de integratie te bevorderen. Zo was ze een voorstander van het afschaffen van de islamitische scholen. Maar ook wilde ze de werkeloosheidsuitkeringen verlagen en het minimum loon verlagen. Maar iedereen vindt dat maar veel te ‘rechtse’ plannetjes, ook binnen de VVD is ‘rechts’ blijkbaar nog steeds een scheldwoord.
Ook heeft ze samen met de PvdA een motie aangenomen gekregen waarin minister Donner wordt gedwongen om de politie eerwraak moorden te gaan registreren. Donner verzet zich hier tegen en wil beginnen met een pilotproject bij twee van de vijfentwintig politie regio’s.
“Maanden later, toen de resultaten bekend werden gemaakt was het parlement geschokt en voelde ik een enorme golf van bijval in het land. Tussen oktober 2004 en mei 2005 waren er in die twee regio’s elf moslim meisjes door hun familie omgebracht” (P. 380)
(Geëxtrapoleerd naar alle 25 regio’s zouden dit 275 eer moorden per jaar zijn)
In het boek lezen we ook het verhaal achter haar korte film Submission. De film was overigens in eerste instantie bedoeld als tentoonstelling in een museum. Dat veranderde echter toen Theo van Gogh het wel wilde verfilmen. Ook beschrijft ze hoe ze de film, voor deze op TV kwam, aan de VVD top heeft laten zien. De reacties van de VVD ministers zijn opmerkelijk.
Zo begreep minister van Binnenlandse Zaken, Remkes, maar niet waarom Ayaan zo aandrong op beveiliging van Theo van Gogh. Hij vond dat helemaal niet nodig. Na de slachting van Theo van Gogh is Ayaan dan ook woedend op hem. Op de dag van de moord van Theo ontvangt ze van Remkes ook een kopie van de brief die op Theo is achtergelaten, vreemd genoeg verteld die zelfde Remkes pas veel later dat deze brief op Theo is achtergelaten en niet per post of zo is gekomen.
Natuurlijk komt in het boek ook uitgebreid ter sprake hoe men haar beveiligt. Daaruit blijkt dat de Nederlandse overheid niet instaat is om volksvertegenwoordigers in Nederland te beveiligen. Of misschien spelen hier andere factoren een rol. Als lezer kan je alleen maar verbaasd zijn over het feit dat de beveiligers van de overheid zoveel controle hebben over een volksvertegenwoordiger, terwijl het juist de volksvertegenwoordiger zou moeten zijn die de overheid controleert en niet anders om.
Na de moord op Theo van Gogh veranderd de rol van de beveiliging. Ze zijn er niet meer om Ayaan te dienen maar om het land te dienen. Na de aanslag op Theo van Gogh zou haar dood immers wel eens het hele land kunnen destabiliseren. Ayaan wordt dus beschouwd als een kostbare gevangene. Op dat moment weet niemand waar Ayaan is, haar vrienden niet, haar collega’s niet, zelfs bevriend minister Kamp van defensie weet het niet. Het zijn Donners ambtenaren die de show runnen.
Dat blijkt ook wanneer Ayaan weer terug keert uit de VS. Minister Kamp van defensie komt haar op vliegbasis Valkenburg ophalen, maar als Donner zijn mensen daarvan horen wijken ze uit naar een ander vliegveld en laten de minister van defensie staan. Hij wordt niet geïnformeerd.
Dat zou je daadkrachtig optreden kunnen noemen, om echt elk risico uit te sluiten. Maar wanneer men Ayaan in een Duits hotelletje heeft gestopt en de Turkse receptionist haar herkent en haar daar op aanspreekt dan doet de beveiliging weer helemaal niets. En dat terwijl deze man weet welke kamer ze heeft en hij ook een loper heeft om haar kamer te openen. Ayaan vraagt de beveiliging of het nog wel veilig is, ze wordt nu echt heel bang. Maar de beveiliging zegt dan: “al dat verhuizen is niet goed voor je rust”. Ze blijven die nacht in het hotel en Ayaan staat doodsangsten uit.
Ook wordt Ayaan volkomen geïsoleerd: geen bezoek van vrienden, geen telefoon en geen internet. Ze proberen haar te breken. Donner zijn mannetjes willen zelfs bij de interviews die ze geeft aanwezig zijn. Zelfs de verslaggever van het linkse NRC vindt dit wel erg veel op de oude Sovjet Unie lijken. Maar wat kan Ayaan doen? Als ze niet volledig meewerkt, dan zeggen de beveiligers direct dat ze ook hen in gevaar brengt.
In de periode na de moord op Theo van Gogh, wil ze met de ouders van Theo bellen. Volgens haar beveiliging wil de familie echter geen contact. Later, als ze toch contact krijgt met de familie, blijkt dat een leugen. Ondertussen laat de regering regelmatig weten het niet met haar standpunten eens te zijn.
Over het leven onder doodsbedreigingen schrijft ze dat de dood voor iemand die uit de anarchie van Somalië komt altijd al dichtbij is geweest. Daar is het leven niet zo vanzelf sprekend als dat hier voor de rijke westerlingen is. In het boek wordt uitgebreid gesproken over haar ervaring in de moslim wereld en haar ervaringen hier. Aan het eind van het boek concludeert ze dan ook dat het voor mensen die uit de islamitische wereld komen moeilijk is om de overgang naar de moderne wereld te maken:
“Het is altijd moeilijk om de overgang naar een moderne wereld te maken. Het was moeilijk voor mijn grootmoeder en voor al mijn familie leden van de miyé, en voor mij was het ook moeilijk. Ik verhuisde van de wereld van het geloof naar de wereld van de rede – van de wereld van besnijdenissen en gedwongen huwelijken naar de wereld van seksuele emancipatie. Nu ik die reis heb gemaakt, weet ik dat de ene wereld gewoonweg beter is dan de andere. Niet om de opzichtige hebbedingen, maar fundamenteel, om zijn waarden.” (P. 430)
Uit de uitgebreide beschrijvingen van haar ervaringen in beide werelden blijkt dan ook duidelijk welken waarden Ayaan hier bedoelt. Het is dan ook geen verassing als Ayaan aan het einde van het boek met de volgde conclusie komt:
“Het leven in Europa is beter dan het leven in de moslim wereld omdat de menselijke verhoudingen beter zijn. Een van de redenen waarom hier de verhoudingen beter zijn is omdat het leven hier op aarde wordt gewaardeerd en individuen vrijheid en rechten hebben die erkent en beschermd worden door de staat.” (P. 431)
Natuurlijk is de voorgaande bespreking van Ayaans boek slechts een summiere beschrijving van de meest opvallende gedeelten van “Mijn vrijheid”. In het boek beschrijft ze in groot detail haar persoonlijke reis van de islamitische wereld naar het Westen. Het geeft dan ook een unieke kijk op de verschillen tussen het leven in de islamitische wereld en het Westen. Het is niet echt een dun boek, maar doordat het goed en vlot is geschreven, lees je de meer dan 400 pagina’s zo uit.
De kracht van dit boek zit hem wat mij betreft niet zozeer in de politiek onthullingen van het reilen en zeilen van de Nederlandse politiek, want de meeste feiten waren toch wel bekend. De kracht zit vooral in het feit dat het de islamitische wereld laat zien, hoe men daar denkt en wat de gevolgen van dat denken zijn. Dit boek is een echte aanrader, misschien wel een van de meest interessante Nederlandse boeken van 2006.

Bron: Ferdinand; Leestafel.blogspot.nl; Geplaatst op 8 oktober 2006;
URL: http://leestafel.blogspot.nl/2006/10/mijn-vrijheid.html
De citaten zijn afkomstig uit het boek zelf: Mijn Vrijheid – Ayaan Hirsi Ali

Verantwoording

Het eerste artikel gaat over integratie en inburgering, het tweede artikel gaat over IS. Ik heb deze artikelen met een reden gekozen, het eerste artikel heeft rechtstreeks met vluchtelingen te maken. Vluchtelingen moeten een onderdeel van de maatschappij worden en moeten daarin functioneren, dit heeft alles te maken met inburgering en integratie. Het tweede artikel heeft minder te maken met de vluchtelingenstroom en de mensensmokkelaars, de inhoud van dit artikel gaat over IS, Turkije en de aanslagen daar. Dit thema heeft niet rechtstreeks met vluchtelingen te maken, maar ik zie het als de aanleiding tot vluchtelingen die bijvoorbeeld naar Nederland en Duitsland komen, bovendien refereert dit artikel erg duidelijk aan het boek. IS gaat over de strijd tussen moslims onderling en moslims en christenen tegen elkaar, het geloof, de islam, is hier een van de oorzaken van. Het geloof en de cultuur in moslim landen wordt uitgebreid beschreven in het eerste deel van mijn boek, mijn jeugd, het tweede deel van het boek, mijn vrijheid, gaat over Ayaans ontwikkelingen nadat ze naar het westen is gevlucht, dit heeft weer veel meer betrekking op artikel 1.
Na het lezen van het eerste artikelen vormen mensen al vrij snel hun mening over allerlei zaken, zonder vaak echt alle feiten en gebeurtenissen duidelijk op een rijtje te hebben. In het eerste artikel uit 2010 heeft het kabinet bekendgemaakt, dat er steeds minder geld zal vrijkomen voor het inburgeringsproces van vluchtelingen. Dit probleem deed zich in de periode dat Ayaan in de Tweede Kamer zat ook al voor, toen echter in een iets andere vorm. Het kabinet en leden van bijvoorbeeld de PvdA waren in veronderstelling dat ze de vluchtelingen een beetje met rust moesten laten, zeker de mensen van Marokkaanse en Turkse afkomst – die zich vaak verzetten tegen de Nederlandse cultuur – moesten volgens hun geloof en cultuur kunnen blijven leven:
“Op grond van de feiten begon ik in te zien dat de moslims in Nederland de kans werd geboden om een zuil te vormen in de Nederlandse gemeenschap, met hun eigen scholen en hun eigen manier van leven, net als katholieken en joden. Ze werden beleefd met rust gelaten om in hun eigen wereld te kunnen leven. Het idee erachter was dat immigranten zelfrespect nodig hadden, en dat dat gevonden zou kunnen worden in een sterk gevoel van saamhorigheid in hun gemeenschap. Ze zouden toestemming moeten krijgen om Koranscholen te stichten op Nederlands grondgebied. Er zouden overheidssubsidies moeten worden verstrekt aan islamitische organisaties. Moslims dwingen de Nederlandse normen en waarden over te nemen zou in strijd zijn met diezelfde normen en waarden; de mensen moesten de vrijheid hebben om naar eigen inzicht te geloven en zich te gedragen.” (p. 298 – 299)
Zo krijg je natuurlijk enorme verdeeldheid in de samenleving, dit was Ayaans mening erover: “Het Nederlandse multiculturalisme – het respect voor de manier waarop immigranten uit andere culturen de dingen doen – werkte niet. Het betekende dat veel vrouwen en kinderen hun rechten werden ontzegd (kinderen werden besneden op de keukentafel en veel vrouwen kregen gewoon regelmatig klappen, het lijden van al deze vrouwen was onbeschrijfelijk). Nederland probeerde ten behoeve van de consensus tolerant te zijn, maar die consensus was een holle frase. De cultuur van immigranten werd in ere gehouden ten koste van hun vrouwen en kinderen, en ten nadele van de integratie van diezelfde immigranten in Nederland. Er waren heel veel mensen die geen Nederlands leerden en welbewust de Nederlandse waarden van tolerantie en persoonlijke vrijheid verwierpen. Ze trouwden met familieleden uit de dorpen waar ze zelf vandaan kwamen en bleven in Nederland in hun eigen kleine wereldje leven.” (p. 300)
Ik ben het met Ayaan eens op dit gebied, immigranten en vluchtelingen moeten inburgeren. Dat zou naar mijn mening een verplicht onderdeel moeten zijn om bijvoorbeeld de A-status te verkrijgen. Verder is het naar mijn mening, en volgens mij denkt Ayaan daar ook zo over, belangrijk dat vluchtelingen de Nederlandse taal leren. Hiervoor hebben ze echter wel hulp nodig en daar zal de overheid toch geld in moeten steken. Daarom vind ik het bijzonder dat Rutte een paar jaar geleden heeft besloten om in 2013 helemaal geen geld meer in de inburgering van buitenlanders te stoppen. Zeker voor mensen die analfabeet zijn als ze naar Nederland komen, is het heel moeilijk om dan goed te kunnen inburgeren. In mijn ogen maakte het kabinet hier dus een grote fout door, want als ze naar de geschiedenis zouden kijken om daarvan te leren, dan zouden ze wellicht tot de conclusie komen dat je vluchtelingen zeker niet hun eigen gang moet laten gaan, dan zullen ze nooit inburgeren. Ze zullen in mijn ogen dus wel geld moeten besteden aan de integratie van vluchtelingen, doen ze dit niet dan zal je nog een veel grotere verdeeldheid in de samenleving krijgen, terwijl een aantal jaar geleden al is geconcludeerd dat het plaatje van een multiculturele samenvatting niet helemaal is uitgepakt zoals eerder was gepland. Ik denk dan ook dat niemand de problemen erger wil maken, dergelijke dingen als racisme moeten bestreden worden en allochtone Nederlanders moeten geholpen worden om zich gelijk te voelen aan de autochtone Nederlanders.
Ik wil hiermee echter ook niet zeggen dat de integratie enkel afhankelijk is van het kabinet, er is ook inzet en doorzettingsvermogen van de vluchtelingen zelf nodig, sommige verwerpen bewust de Nederlandse normen en waarden, zoals Ayaan zegt. Dit zou kunnen zijn omdat ze eigenlijk helemaal niets met Nederland te maken willen hebben, ze willen het liefst gewoon in hun eigen land wonen en misschien helemaal niet in dit rare land waar ze land onttrokken hebben aan de zee, en zoals Hirsi Ali zegt: “Het lijkt alsof dit land God heeft getrotseerd.” Deze gedachte zou natuurlijk een gevoel van afkeur kunnen oproepen waardoor ze de Nederlandse cultuur verwerpen. Er zijn echter ook andere redenen ervoor, een daarvan is bijvoorbeeld de onderwerping van de vrouw aan de man en aan Allah. Zo zegt vers 2 van sura 24, Al-Nur, Het Licht:
“Geselt iedere echtbreekster en echtbreker
met honderd slagen.
En laat medelijden met hen
u van de gehoorzaamheid aan Allah niet afhouden
indien gij in Allah en de Laatste Dag gelooft.
En laat een groep gelovigen getuige zijn van hun bestraffing.”
Deze tekst laat zien dat wij in zo’n andere wereld leven, dat het zo moeilijk is om voor te stellen hoe hun cultuur in elkaar zit. Een ander voorbeeld hiervan, Mahad, Ayaans broer heeft haar in het wc-gat geduwd, terwijl ze een nieuwe jurk aan had. Vervolgens vind er dit gesprek plaats tussen moeder en grootmoeder: “ ‘Op een dag vermoordt hij Ayaan nog,’ zei ma. ‘Dan zou dat haar eigen schuld zijn. Ayaan is dom, oliedom, zo dom als een dadelpalm.’ ” Nog wat voorbeelden: “Als haar man wreed is, als hij haar verkracht en uitlacht, als hij besluit er een vrouw bij te nemen of als hij haar mishandelt, slaat ze haar ogen neer en verbergt ze haar tranen. Ze is baarri, ze is een vrome slavin.” Als Ayaan wordt opgehaald van de madrassa, een koran school, wordt ze geslagen. De volgende dag moet ze van haar nicht die de klap had gezien vechten met het meisje: “Krab haar de ogen uit! Bijt haar! Toe dan lafaard, denk aan je eer!” Een laatste voorbeeld is: “Als een meisje wordt verkracht door haar broer, zal zij worden ontvreemd of nog erger, worden doodgeslagen.”
Er zijn duizenden vrouwen die dit geweld van hun cultuur willen ontvluchten, maar op het moment is er nog iets wat veel meer in het nieuws komt. De aanslagen van IS, in artikel 2, waar het gaat over de strijd tussen Turkije en IS, staat vrijwel niets vermeld over vluchtelingen, maar als je hier over nadenkt, kom je al vrij snel tot de conclusie dat door al dit oorlogsgeweld in het Midden-Oosten en Afrika, er steeds meer vluchtelingen bij blijven komen. Ik heb dit artikel gelezen, omdat dit ook een reden kan zijn voor het niet inburgeren van vluchtelingen, waar Ayaan zich in verdiept in haar boek. Door al deze redenen is het niet vreemd dat er veel vluchtelingen naar Nederland komen, omdat ze het geweld moeten ontvluchten. Veel mensen vragen zich af hoe dit geweld van IS tot stand is gekomen, sterker nog, ik vroeg me dit ook regelmatig af. Maar nadat ik Mijn Vrijheid heb gelezen begrijp ik dit een stuk beter. Een reden waardoor bijvoorbeeld enorm veel haat voor Joden ontstaat, zou het volgende kunnen zijn: In Kenia was het heel gewoon dat er rondtrekkende imams in Nairobi, preken gaven over de Koran en hun opvattingen daarover deelden. Deze preken werden onder de oren gebracht door middel van bandjes en door preken die ze zelf in huizen kwamen vertellen. Eén daar van was ook een ma’alim, Boqol Sawm: “Boqol Sawm schreeuwde dat mannen die de roeping van hun vrouwen tot de islam tegenwerkten zouden branden. Rijken die hun geld aan aardse zaken uitgaven zouden branden. Moslims die hun medemoslims, de Palestijnen, in de steek lieten, waren geen echte moslims en zouden ook branden. De islam werd bedreigd en de vijanden ervan – joden en Amerikanen – zouden eeuwig branden. Moslimfamilies die hun kinderen naar universiteiten in de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en andere landen van ongelovigen stuurden, zouden branden. Het leven op aarde is tijdelijk, gilde Boqol Sawm, het was door Allah bedoeld om mensen op te proef te stellen. De huichelaars die te zwak waren om de wereldse verleidingen te weerstaan, zouden branden. Als je je vriendschapsbanden met niet-moslims niet verbrak, zou je branden.” (p. 135) In dit citaat wordt steeds verwezen naar het branden, hiermee wordt het eeuwige branden in de hel bedoeld. Dit is iets wat moslims vanaf hun geboorte meekrijgen, angst voor de hel en de onderwerping is nodig om een plek in de hemel te verdienen. Misdroeg je je op aarde, dan zou je leven in het hiernamaals afschuwelijk zijn. Doorstond je de proeven die Allah voor jou had bedoeld, dan zou je in het paradijs komen.
Hieruit kan ik begrijpen, dat als jij zo bang wordt gemaakt, en dat als jou verteld wordt dat alle Christenen een kruistocht beginnen tegen de moslims, dat jij dan ook terroristische aanslagen zou steunen, en dat is ook precies wat Ayaan in dit citaat uitlegt. Het is 2001, een paar dagen na het instorten en branden van de Twin Towers. “Maar ik wist dat het niet slechts om een klein groepje waanzinnige lieden ging. Een enorme massa moslims zou de aanvallen als een rechtvaardige vergelding beschouwen voor de ongelovige vijanden van de islam in Amerika en het hele Westen.” (p. 329)
Als je dit boek refereert aan de artikelen die ik hier heb uitgekozen, beschik je over veel meer informatie om de artikelen daadwerkelijk te kunnen begrijpen. Door Mijn Vrijheid te lezen, ben ik een stuk rijker aan informatie over de islam, IS en vluchtelingen. Ik denk daarom dat het boek mij heel erg heeft geholpen delen van de wereld beter te begrijpen en het gedrag van mensen uit de islam te kunnen onderbouwen met verschillende argumenten. Hierdoor krijg ik een beter perspectief van de motieven van bijvoorbeeld IS en daarom is het naar mijn mening erg belangrijk om dit soort boeken te lezen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten